Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 — 2017 May/June Paper 1 · Variant 1

0515/11/M/J/17 · 45 marks · ≈51 min

The question paper and its mark scheme, free to read here and free to download. This is Cambridge’s own paper, exactly as it was sat.

← All Dutch - Foreign Language papersWhat was in this paper?

Question paper12 pages

Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 2017 May/June Paper 1 · Variant 1 question paper, page 1 of 12
Page 1 of 12
Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 2017 May/June Paper 1 · Variant 1 question paper, page 2 of 12
Page 2 of 12
Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 2017 May/June Paper 1 · Variant 1 question paper, page 3 of 12
Page 3 of 12
Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 2017 May/June Paper 1 · Variant 1 question paper, page 4 of 12
Page 4 of 12
Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 2017 May/June Paper 1 · Variant 1 question paper, page 5 of 12
Page 5 of 12
Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 2017 May/June Paper 1 · Variant 1 question paper, page 6 of 12
Page 6 of 12
Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 2017 May/June Paper 1 · Variant 1 question paper, page 7 of 12
Page 7 of 12
Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 2017 May/June Paper 1 · Variant 1 question paper, page 8 of 12
Page 8 of 12
Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 2017 May/June Paper 1 · Variant 1 question paper, page 9 of 12
Page 9 of 12
Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 2017 May/June Paper 1 · Variant 1 question paper, page 10 of 12
Page 10 of 12
Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 2017 May/June Paper 1 · Variant 1 question paper, page 11 of 12
Page 11 of 12
Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 2017 May/June Paper 1 · Variant 1 question paper, page 12 of 12
Page 12 of 12

Mark scheme3 pages

Answers below. Sit the paper first if you are practising.

Mark scheme, page 1 of 3
Page 1 of 3
Mark scheme, page 2 of 3
Page 2 of 3
Mark scheme, page 3 of 3
Page 3 of 3

Paper as text

Question paper, page 1

This document consists of 11 printed pages and 1 blank page. DC (NH/CGW) 134131/3 © UCLES 2017 [Turn over Cambridge International Examinations Cambridge International General Certificate of Secondary Education * 7 8 8 4 6 1 6 2 1 1 * DUTCH 0515/01 Paper 1 Listening May/June 2017 Approx. 45 minutes Candidates answer on the Question Paper. No Additional Materials are required. READ THESE INSTRUCTIONS FIRST Write your Centre number, candidate number and name in the spaces at the top of this page. Write in dark blue or black pen. Do not use staples, paper clips, glue or correction fluid. DO NOT WRITE IN ANY BARCODES. Answer all questions. The number of marks is given in brackets [ ] at the end of each question or part question.

Question paper, page 2

2 0515/01/M/J/17 © UCLES 2017 BLANK PAGE

Question paper, page 3

3 0515/01/M/J/17 © UCLES 2017 [Turn over Deel 1 Oefening 1, vragen 1–8 In dit deel van de toets ga je luisteren naar een aantal opmerkingen of korte gesprekken die je in Nederlandstalige landen kunt horen. Kruis (X) bij elke vraag het hokje bij het juiste antwoord aan. Je hoort elke opmerking of kort gesprek twee keer. Eline gaat met haar klas naar de dierentuin. 1 Elines leraar zegt: Hoe laat moet Eline op school zijn? A 08:45 09:00 09:15 08:30 B C A D [1] B C D 2 Eline zegt: Waar wil Eline zitten? A B C A D [1] B C D

Question paper, page 4

4 0515/01/M/J/17 © UCLES 2017 3 De leraar zegt: Wat moet Eline meenemen? A B C A D [1] B C D 4 Eline zegt: Wat is Elines lievelingsdier? A B C A D [1] B C D 5 Het begint te regenen. Eline zegt: Wat vindt Eline niet leuk? A B C A D [1] B C D

Question paper, page 5

5 0515/01/M/J/17 © UCLES 2017 [Turn over 6 De klas gaat iets eten. De leraar zegt: Wat wil de leraar eten? A B C A D [1] B C D 7 De leraar zegt: Wat gaat de klas eerst doen? A B C A D [1] B C D 8 Eline zegt: Wat wil Eline kopen? A B C A D [1] B C D [Totaal: 8]

Question paper, page 6

6 0515/01/M/J/17 © UCLES 2017 Oefening 2, vragen 9–15 Je gaat twee keer luisteren naar Pieter. Hij vertelt over zijn gezin. Beantwoord de vragen door een kruisje (X) in het juiste hokje te plaatsen óf door een kort antwoord in het Nederlands te geven. Halverwege is er een korte pauze. Je hebt eerst even de tijd om de vragen door te lezen. De familie van Pieter Pieter praat over zijn gezin Hoeveel broers en zussen heeft Pieter? (kruis 1 hokje aan) A B C Hoe oud is Pieters jongste zusje? … Wat vindt Pieter van zijn jongste zusje? A B C Wat doet Pieter om te helpen? … [PAUZE] [1] [1] [1] [1] 9 10 11 12

Question paper, page 7

7 0515/01/M/J/17 © UCLES 2017 [Turn over Wat vindt iedereen lekker? … Wat doet Pieter ’s ochtends? … Pieter zit op de … school. [1] [1] [1] 13 14 15 [Totaal: 7]

Question paper, page 8

8 0515/01/M/J/17 © UCLES 2017 Deel 2 Oefening 1, vraag 16 Je hoort een interview met Jasmine over een onderzoek naar de lengte van mensen. Kruis (X) het hokje aan bij elke juiste bewering. Kruis niet meer dan zes hokjes aan (X X X X X X). Je hebt eerst de tijd om de vragen door te lezen. Waar (a) Jasmine wilde weten waarom Nederlanders lang zijn. (b) Jasmine dacht eerst dat Nederlanders lang zijn omdat hun ouders lang zijn. (c) Jasmine vond het grappig om Nederlanders in het buitenland te spreken. [PAUZE] (d) Nederlanders houden meer van kaas dan gewone melk. (e) Nederlanders gebruiken meer melkproducten dan de Fransen. (f) Melk was vroeger lekkerder dan water. [PAUZE] (g) Jasmine vindt dat er teveel koeien zijn in Nederland. (h) Volgens Jasmine is poldergrond de beste grond voor gras. (i) Nederlanders waren voor 1850 de langste Europeanen. [PAUZE] (j) De interviewer is zelf heel lang. (k) De interviewer vindt melk lekker. (l) Jasmine doet alleen onderzoek naar grote groepen mensen. [Totaal: 6]

Question paper, page 9

9 0515/01/M/J/17 © UCLES 2017 [Turn over Oefening 2, vragen 17–25 Je hoort een gesprek tussen Karlos en Ellen. Karlos vertelt over zijn tuin. Het gesprek bestaat uit twee delen. Na elk deel van het gesprek is er een korte pauze. Eerste deel, vragen 17–21. Elke zin bevat een stukje onjuiste informatie. Luister naar het gesprek en vul het juiste woord of de juiste woorden in in het Nederlands. Je hoort dit deel van het gesprek twee keer. Je hebt nu even de tijd om vragen 17–21 door te lezen. 17 De tuin van Karlos ligt in het zand. …[1] 18 De haven werd door auto’s vervuild. …[1] 19 Karlos wilde stenen gebruiken voor het project. …[1] 20 Karlos stuurde de burgemeester een e-mail. … [1] 21 Het voordeel van het plan is dat de stad meer vogels krijgt. …[1] [PAUZE] Tweede deel, vragen 22–25. Je hoort nu het tweede deel van het gesprek. Ook dit deel hoor je twee keer. Beantwoord de vragen in het Nederlands. Je hebt eerst even de tijd om vragen 22–25 door te lezen. 22 Waarom is het project goed voor de vissen? …[1] 23 Waar hoopt Karlos op? …[1] 24 Wat wil de burgemeester in de toekomst gaan doen? …[1] 25 Waarom is juist Nederland zo geschikt voor dit project? …[1] [Totaal: 9]

Question paper, page 10

10 0515/01/M/J/17 © UCLES 2017 Deel 3 Oefening 1, vragen 26–31 Je gaat twee keer luisteren naar een geprek tussen Ahmed, Inge en Peter. Zij vertellen over hun favoriete feest. Kruis (X) het hokje bij het juiste antwoord aan. Halverwege het gesprek is er een pauze. Je hebt eerst even de tijd om de vragen door te lezen. 26 Ahmed vindt het vasten in de zomer moeilijk, want … A hij heeft steeds honger. B hij mag niet drinken. C het is vaak erg warm. D de dagen zijn lang. [1] 27 Het leukste van het Suikerfeest is dat … A Ahmed nieuwe kleren krijgt. B Ahmed eindelijk kan eten en drinken. C Ahmeds familie bij elkaar komt. D iedereen vrolijk is. [1] 28 Inge viert het liefst … A Pasen, want dan begint de lente. B Kerstmis, want het is een gezellig feest. C Kerstmis, want dat is midden in de winter. D Pasen, want ze houdt van eieren. [1] [PAUZE]

Question paper, page 11

11 0515/01/M/J/17 © UCLES 2017 [Turn over 29 Inge maakt … A speculaas voor kerstmis. B chocoladeletters voor sinterklaas. C bonbons voor feestjes. D paaseieren voor Pasen. [1] 30 Peter vindt het sinterklaasfeest nog steeds leuk vanwege de … A spanning. B gedichten. C grapjes. D cadeaus. [1] 31 De periode voor het sinterklaasfeest … A vindt Peter saai. B werkt de hele familie samen. C mag Peter bij niemand op de kamer komen. D maakt Peters familie lekkere dingen. [1] [Totaal: 6]

Question paper, page 12

12 0515/01/M/J/17 © UCLES 2017 Permission to reproduce items where third-party owned material protected by copyright is included has been sought and cleared where possible. Every reasonable effort has been made by the publisher (UCLES) to trace copyright holders, but if any items requiring clearance have unwittingly been included, the publisher will be pleased to make amends at the earliest possible opportunity. To avoid the issue of disclosure of answer-related information to candidates, all copyright acknowledgements are reproduced online in the Cambridge International Examinations Copyright Acknowledgements Booklet. This is produced for each series of examinations and is freely available to download at www.cie.org.uk after the live examination series. Cambridge International Examinations is part of the Cambridge Assessment Group. Cambridge Assessment is the brand name of University of Cambridge Local Examinations Syndicate (UCLES), which is itself a department of the University of Cambridge. Oefening 2, vragen 32–39 Je gaat twee keer luisteren naar een interview met Mare. Zij is psycholoog. Beantwoord de vragen in het Nederlands. Er zijn twee pauzes in het interview. Je hebt eerst even de tijd om de vragen door te lezen. 32 Waar wil Mare vandaag over praten? …[1] 33 Waar had Lotte geen zin meer in toen ze thuiskwam? Noem twee dingen. (i) …[1] (ii) …[1] [PAUZE] 34 Hoe voelen sommige jongeren zich als ze niks gedaan hebben, volgens Mare? …[1] 35 Wat is het probleem voor jongeren, volgens Mare? …[1] 36 Waar heeft Lotte het moeilijk mee? …[1] [PAUZE] 37 Waar is iedereen bang voor? …[1] 38 Wanneer is het niet erg om hard te werken? …[1] 39 Hoe kunnen mensen zich het beste ontspannen, volgens Mare? …[1] [Totaal: 9]

Mark scheme, page 1

® IGCSE is a registered trademark. This document consists of 3 printed pages. © UCLES 2017 [Turn over Cambridge International Examinations Cambridge International General Certificate of Secondary Education DUTCH 0515/01 Paper 1 Listening May/June 2017 MARK SCHEME Maximum Mark: 45 Published This mark scheme is published as an aid to teachers and candidates, to indicate the requirements of the examination. It shows the basis on which Examiners were instructed to award marks. It does not indicate the details of the discussions that took place at an Examiners’ meeting before marking began, which would have considered the acceptability of alternative answers. Mark schemes should be read in conjunction with the question paper and the Principal Examiner Report for Teachers. Cambridge will not enter into discussions about these mark schemes. Cambridge is publishing the mark schemes for the May/June 2017 series for most Cambridge IGCSE®, Cambridge International A and AS Level and Cambridge Pre-U components, and some Cambridge O Level components.

Mark scheme, page 2

0515/01 Cambridge IGCSE – Mark Scheme PUBLISHED May/June 2017 © UCLES 2017 Page 2 of 3 Question Answer Marks 1 B 1 2 A 1 3 D 1 4 D 1 5 C 1 6 A 1 7 B 1 8 D 1 9 C 1 10 5 weken (oud) 1 11 C 1 12 kookt 1 13 soep 1 14 brengt broertjes naar school 1 15 middelbare 1 16 A-B-E-H-K-L 6 17 in het water 1 18 schepen 1 19 planten 1 20 brief 1 21 groen 1 22 ze zijn beschermd/niet makkelijk te zien 1 23 meer leven 1 24 grotere/meer/extra [kilometer] watertuinen 1 25 veel water 1 26 D 1 27 C 1 28 A 1

Mark scheme, page 3

0515/01 Cambridge IGCSE – Mark Scheme PUBLISHED May/June 2017 © UCLES 2017 Page 3 of 3 Question Answer Marks 29 D 1 30 C 1 31 C 1 32 te hard werken 1 33 (i) hond uitlaten 1 (ii) huiswerk maken 1 34 Je voelt je schuldig / vervelend. 1 35 Ze hebben teveel keuze. 1 36 Ze wil overal de beste in zijn. 1 37 Dat je op een sollicitatiegesprek van iemand verliest [die meer gedaan heeft dan jij]. 1 38 Als je iets wilt bereiken. 1 39 Iets doen waarbij je je goed voelt. 1

What you needed in this session

Cambridge’s own grade thresholds for 2017 May/June, Paper 1 · Variant 1. A higher threshold means an easier paper — the bar moves with how the cohort did.

A30/45
B25/45
C20/45
D16/45
E12/45
F8/45
G4/45