Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 — 2012 May/June Paper 1 · Variant 1
0515/11/M/J/12 · 48 marks · ≈54 min
The question paper and its mark scheme, free to read here and free to download. This is Cambridge’s own paper, exactly as it was sat.
Question paper12 pages












Mark scheme10 pages
Answers below. Sit the paper first if you are practising.










Paper as text
Question paper, page 1
This document consists of 11 printed pages and 1 blank page. IB12 06_0515_01/6RP © UCLES 2012 [Turn over *5006645954* For Examiner's Use Section 1 Section 2 Section 3 Total UNIVERSITY OF CAMBRIDGE INTERNATIONAL EXAMINATIONS International General Certificate of Secondary Education DUTCH 0515/01 Paper 1 Listening May/June 2012 Approx. 45 minutes Candidates answer on the Question Paper. No Additional Materials are required. READ THESE INSTRUCTIONS FIRST Write your Centre number, candidate number and name on all the work you hand in. Write in dark blue or black pen. Do not use staples, paper clips, highlighters, glue or correction fluid. Answer all questions in Sections 1, 2 and 3. There are instructions about how to answer the questions above each exercise on the Question Paper. You need not write in full sentences. Dictionaries are not permitted. At the end of the examination, fasten all your work securely together. The number of marks is given in brackets [ ] at the end of each question or part question. www.XtremePapers.com
Question paper, page 2
2 © UCLES 2012 0515/01/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use Deel 1 Eerste oefening, vragen 1 - 8 Je hoort een kort gesprek. Elke vraag heeft vier mogelijke antwoorden. Kruis [×] het hokje bij het juiste antwoord aan. Je hoort elk fragment van het gesprek twee keer. Je hebt even de tijd om de vragen door te lezen. 1 Marieke belt Steven. Ze zegt: A B C A B C D D Wat wil Marieke? [1] 2 Steven zegt: A B C A D C B D Wat is Steven aan het doen? [1]
Question paper, page 3
3 © UCLES 2012 0515/01/M/J/12 [Turn over For Examiner's Use For Examiner's Use 3 Steven vraagt: A B C A C D B D Wat wil Steven doen? [1] 4 Marieke zegt: A B C A B C D 5º ºC 0 10 20 30 40 D Wat voor weer is het? [1] 5 Steven zegt: A B C A B C D D Wanneer wil Steven weg? [1]
Question paper, page 4
4 © UCLES 2012 0515/01/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use 6 Marieke zegt: A B C B A C D D Wat gaat Marieke doen? [1] 7 Marieke vraagt: A B C C D A B D Wat wil Marieke ook nog doen? [1] 8 Steven zegt: A B C A B C D D Waarom heeft Steven niet veel tijd? [1] [Totaal: 8]
Question paper, page 5
5 © UCLES 2012 0515/01/M/J/12 [Turn over For Examiner's Use For Examiner's Use Tweede oefening, vragen 9 - 16 Paul nodigt Maya uit voor een concert. Maak aantekeningen bij het gesprek. Je hoort het gesprek twee keer. Je hebt even de tijd om de vragen door te lezen. Je hoort eerst een voorbeeld. Voorbeeld Wat speelt Kees Jansma? gitaar 9 Op welke dag? [1] 10 Begin concert? [1] 11 Met hoeveel mensen? [1] [PAUZE] 12 Prijs? [1] 13 Wie koopt kaartjes? [1] [PAUZE] 14 Wat eten? [1] 15 Wat meenemen? [1] 16 Na concert? [1] [Totaal: 8]
Question paper, page 6
6 © UCLES 2012 0515/01/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use Deel 2 Eerste oefening, vragen 17 - 20 Je hoort vier leerlingen praten over hun schooltas. Luister naar het gesprek en vul bij elke naam de juiste letter én het juiste nummer in. Je hebt niet alle letters en nummers nodig. Je hoort het gesprek twee keer. Je hebt even de tijd om de lijsten door te lezen. In het voorbeeld hoor je Mark. vak probleem A biologie 1 extra map B Frans 2 huiswerk C geschiedenis 3 instrument D gymnastiek 4 laptop E muziek 5 sportkleren F tekenen 6 tekenboek G wiskunde 7 woordenboeken Voorbeeld: vak probleem Mark D 5 17 Sophie [1] [1] 18 Pieter [1] [1] 19 Sarah [1] [1] 20 Max [1] [1] [Totaal: 8]
Question paper, page 7
7 © UCLES 2012 0515/01/M/J/12 [Turn over For Examiner's Use For Examiner's Use Tweede oefening, vragen 21 - 25 Je gaat luisteren naar een gesprek met Ruud. Beantwoord de vragen in het Nederlands. Je hoort het gesprek twee keer. Je hebt even de tijd om de vragen door te lezen. 21 Wie hebben er veel last van kauwgom? [1] 22 Voor welke twee problemen zorgt kauwgom? (i) [1] (ii) [1] [PAUZE] 23 Hoe kwam de bedenker van de kauwgom op het idee? [1] 24 Wat zijn volgens Ruud de twee grote voordelen van deze kauwgom? (i) [1] (ii) [1] [PAUZE] 25 Waarom denkt Ruud dat kauwgom verboden blijft? Noem twee redenen. (i) [1] (ii) [1] [Totaal: 8]
Question paper, page 8
8 © UCLES 2012 0515/01/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use Deel 3 Eerste oefening, vragen 26 - 31 Je gaat luisteren naar een radio-interview met Marian Steensma. Elke vraag heeft vier mogelijke antwoorden. Kruis [×] het hokje bij het juiste antwoord aan. Je hoort het interview twee keer. Je hebt even de tijd om de vragen door te lezen. 26 De interviewer heeft zelf ... A vaak last van muggen. B soms last van muggen. C meestal geen last van muggen. D nooit last van muggen. [1] 27 Volgens Marian komen muggen af op ... A licht. B warmte. C geur. D vocht. [1] 28 Muggen houden volgens Marian vooral van ... A zoet bloed. B knoflook. C citroen. D parfum. [1] [PAUZE]
Question paper, page 9
9 © UCLES 2012 0515/01/M/J/12 [Turn over For Examiner's Use For Examiner's Use 29 Om te voorkomen dat muggen zich voortplanten moet je ... A rook produceren. B regenwater verzamelen. C kaarsen gebruiken. D plassen water weggooien. [1] [PAUZE] 30 Een klamboe werkt ... A goed als er anti-muggenspul op zit. B goed als het over het bed heen hangt. C slecht want muggen kunnen er doorheen. D slecht want muggen steken er doorheen. [1] 31 Welk probleem heeft Marian ook met een ‘zoemapparaatje’? A Het werkt niet altijd. B Het is slecht voor je oren. C Het kost energie. D Het werkt alleen op batterijen. [1] [Totaal: 6]
Question paper, page 10
10 © UCLES 2012 0515/01/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use Tweede oefening, vragen 32 - 41 Je hoort een gesprek met Simon ter Veld. Hij praat over wereldvoedseldag. Beantwoord de vragen in het Nederlands. Je hoort het gesprek twee keer. Je hebt even de tijd om de vragen door te lezen. 32 In welke maand wordt wereldvoedseldag gehouden? [1] 33 Wat is het thema dit jaar? [1] 34 Wat vindt Simon ervan dat we zoveel eten weggooien? [1] [PAUZE] 35 Wat is er op de markten te koop? [1] 36 Waar komen de producten vandaan die de restaurants op die dag serveren? [1] 37 Hoeveel krijg je te eten bij een wereldmaaltijd? [1] 38 Waarom krijg je geen vlees te eten, volgens Simon? [1] [PAUZE] 39 Waarom is het goed om naar de tv-shows te kijken volgens Simon? [1]
Question paper, page 11
11 © UCLES 2012 0515/01/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use 40 Welke tip geeft Simon om je brood vers te houden? [1] 41 Wat is ‘kliekjesdag’? [1] [Totaal: 10]
Question paper, page 12
12 Permission to reproduce items where third-party owned material protected by copyright is included has been sought and cleared where possible. Every reasonable effort has been made by the publisher (UCLES) to trace copyright holders, but if any items requiring clearance have unwittingly been included, the publisher will be pleased to make amends at the earliest possible opportunity. University of Cambridge International Examinations is part of the Cambridge Assessment Group. Cambridge Assessment is the brand name of University of Cambridge Local Examinations Syndicate (UCLES), which is itself a department of the University of Cambridge. © UCLES 2012 0515/01/M/J/12 BLANK PAGE
Mark scheme, page 1
UNIVERSITY OF CAMBRIDGE INTERNATIONAL EXAMINATIONS International General Certificate of Secondary Education MARK SCHEME for the May/June 2012 question paper for the guidance of teachers 0515 DUTCH (FOREIGN LANGUAGE) 0515/01 Paper 1 (Listening), maximum raw mark 48 This mark scheme is published as an aid to teachers and candidates, to indicate the requirements of the examination. It shows the basis on which Examiners were instructed to award marks. It does not indicate the details of the discussions that took place at an Examiners’ meeting before marking began, which would have considered the acceptability of alternative answers. Mark schemes must be read in conjunction with the question papers and the report on the examination. • Cambridge will not enter into discussions or correspondence in connection with these mark schemes. Cambridge is publishing the mark schemes for the May/June 2012 question papers for most IGCSE, GCE Advanced Level and Advanced Subsidiary Level syllabuses and some Ordinary Level syllabuses. www.XtremePapers.com
Mark scheme, page 2
Page 2 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 01 © University of Cambridge International Examinations 2012 Deel 1 Eerste oefening, vragen 1–8 1 A [1] 2 C [1] 3 B [1] 4 B [1] 5 C [1] 6 A [1] 7 D [1] 8 B [1] [Total: 8] Tweede oefening, vragen 9–16 9 zaterdag [1] 10 acht uur [1] 11 tien [1] 12 12 euro [1] 13 Marieke [1] 14 kip [1] 15 drinken [1] 16 naar Steven/feest bij Steven [1] [Total: 8]
Mark scheme, page 3
Page 3 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 01 © University of Cambridge International Examinations 2012 Deel 2 Eerste oefening, vragen 17–20 17 Sophie G [1] 2 [1] 18 Pieter C [1] 1 [1] 19 Sarah B [1] 7 [1] 20 Max E [1] 3 [1] [Total: 8] Tweede oefening, vragen 21–25 21 scholen [1] 22 (i) vies/leerlingen plakken het overal onder [1] (ii) duur om op te ruimen [1] 23 Hij zag de straten in Amerika [1] 24 (i) lost op in water [1] (ii) beter voor het milieu/goedkoper om op te ruimen [1] 25 (i) maakt nog steeds rommel [1] (ii) kauwende monden zijn vervelend [1] [Total: 8]
Mark scheme, page 4
Page 4 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 01 © University of Cambridge International Examinations 2012 Deel 3 Eerste oefening, vragen 26–31 26 A [1] 27 C [1] 28 D [1] 29 D [1] 30 A [1] 31 C [1] [Total: 6] Tweede oefening, vragen 32–41 32 oktober [1] 33 minder afval, minder honger/voedselverspilling [1] 34 zonde, want daardoor is er niet genoeg [1] 35 eten van over de hele wereld [1] 36 regionaal/uit de buurt [1] 37 een eerlijke portie [1] 38 het kost te veel [1] 39 ze zijn leerzaam [1] 40 bewaar het in een doosje [1] 41 een dag waarop je restjes eten opeet [1] [Total: 10]
Mark scheme, page 5
Page 5 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 01 © University of Cambridge International Examinations 2012 Script: F1 Deel 1 Eerste oefening, vragen 1 tot en met 8 Je hoort een kort gesprek. Elke vraag heeft vier mogelijke antwoorden. Kruis het hokje bij het juiste antwoord aan. Je hoort elk fragment van het gesprek twee keer. Je hebt even de tijd om de vragen door te lezen. F1 Vraag 1 F1 Marieke belt Steven. Ze zegt: F2 Steven, ik wil gaan sporten, ga je mee? F1 Wat wil Marieke? F1 Vraag 2 F1 Steven zegt: M1 Goed idee. Ik zit al de hele dag te studeren. F1 Wat is Steven aan het doen? F1 Vraag 3 F1 Steven vraagt: M1 Wat wil je doen? Zullen we gaan tennissen? F1 Wat wil Steven doen? F1 Vraag 4 F1 Marieke zegt: F2 Wat een goed idee want het is zulk lekker weer buiten. F1 Wat voor weer is het? F1 Vraag 5 F1 Steven zegt: M1 Ja, zullen we over drie kwartier gaan?
Mark scheme, page 6
Page 6 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 01 © University of Cambridge International Examinations 2012 F1 Wanneer wil Steven weg? F1 Vraag 6 F1 Marieke zegt: F2 Ja, ik zal even bellen en een tennisbaan reserveren om drie uur. F1 Wat gaat Marieke doen? F1 Vraag 7 F1 Marieke vraagt: F2 Heb je tijd om straks nog wat te gaan drinken? F1 Wat wil Marieke ook nog doen? F1 Vraag 8 F1 Steven zegt: M1 Ik kan niet lang blijven. Ik moet nog naar mijn oma, die is jarig. F1 Waarom heeft Steven niet veel tijd? F1 Tweede oefening, vragen 9 tot en met 16 Paul nodigt Maya uit voor een concert. Maak aantekeningen bij het gesprek. Je hoort het gesprek twee keer. Je hebt even de tijd om de vragen door te lezen. Je hoort eerst een voorbeeld. M1 Hallo Maya. Er is dit weekend een concert in Antwerpen van de gitarist Kees Jansma. Heb je zin om met ons mee te gaan? F2 Dat lijkt me leuk, ja. Wanneer precies? M1 Zaterdagavond, het begint om 8 uur. We willen hier om een uur of 7 weg. F2 Wie gaan er nog meer mee? M1 We zijn met z’n tienen. De meesten ken je wel, Marieke komt, en Steven… F2 Gezellig. Hoeveel kost het? M1 De kaartjes zijn 12 euro.
Mark scheme, page 7
Page 7 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 01 © University of Cambridge International Examinations 2012 F2 Dat valt nog mee. Moet ik nog een kaartje kopen? M1 Nee, Marieke koopt straks kaartjes voor ons allemaal. M1 Als je wat eerder komt, kunnen we hier eerst wat eten met z’n allen. Hou je van kip? F2 Ja, lekker. M1 Kun je wat te drinken meenemen? Dat vraag ik aan iedereen. F2 Oké, doe ik. M1 Na het concert gaan we naar Steven want die geeft een feest. F2 Gezellig, tot zaterdag. F1 Deel 2 Eerste oefening, vragen 17 tot en met 20 Je hoort vier leerlingen praten over hun schooltas. Luister naar het gesprek en vul bij elke naam de juiste letter én het juiste nummer in. Je hebt niet alle letters en nummers nodig. Je hoort het gesprek twee keer. Je hebt even de tijd om de lijsten door te lezen. In het voorbeeld hoor je Mark. M2 Mark, ik hoor van veel mensen dat ze hun schooltas zo zwaar vinden. Vind jij dat ook? M1 Nou, zwaar, dat valt wel mee, maar ik had gisteren gymnastiek. Toen moest ik dus ook nog sportspullen meenemen. Mijn tas zat zo vol dat niet alles erin kon. Toen werd een van de leraren boos omdat ik iets vergeten was. M2 Sophie? F1 Ja, de mijne is wel zwaar want we hebben zoveel verschillende vakken elke dag. Ik vind wiskunde het ergste, we hebben altijd veel huiswerk voor dat vak. M2 Pieter? M1 We zijn nu een paar weken bezig met een project voor geschiedenis. Ik moet dus, behalve m’n boek, ook nog een projectmap meenemen. Deze week was mijn geschiedenisleraar ziek. We moesten dus thuis aan het project werken en mijn tas was daardoor een stuk lichter. Volgende week moet ie weer mee... M2 Sarah?
Mark scheme, page 8
Page 8 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 01 © University of Cambridge International Examinations 2012 F2 Veel kinderen dragen hun rugzak heel laag, want dat is cool. Maar dan krijg je pijn in je nek. Ik draag mijn rugzak hoger, dan heb ik weinig last, behalve als ik Frans heb, want dan moeten er ook nog twee woordenboeken mee, dan wordt het wel zwaar. M2 Max? M1 Ik vind de dag dat ik muziek heb het ergste. Dan moet ik mijn klarinet meenemen. Dat is onhandig want hij past niet in m’n tas. Die moet ik dus vasthouden op de fiets en dat fietst wel moeilijk. M2 Tweede oefening, vragen 21 tot en met 25 Je gaat luisteren naar een gesprek met Ruud. Beantwoord de vragen in het Nederlands. Je hoort het gesprek twee keer. Je hebt even de tijd om de vragen door te lezen. F1 Ruud, jij komt iets vertellen over kauwgom? M1 Ja, over een nieuw soort kauwgom die minder plakt. F1 Kauwgom die niet overal aan vast blijft zitten, waar is dat nou goed voor? M1 Nou, kauwgom zorgt voor een hoop problemen. Vooral scholen hebben er enorme last van. Het is op zich niet zo erg dat leerlingen kauwen, maar als ze klaar zijn met hun kauwgom, plakken ze het overal onder, dat is ontzettend vies. F1 Ja inderdaad, al die stukjes kauwgom onder een tafelblad… M1 Ja, iedereen weet meteen wat je bedoelt, en toch blijven mensen hun kauwgom daar plakken! D’r komt bij dat het ook nog eens duur wordt voor zo’n school, want al die troep moet worden weggehaald en dat valt niet mee, een school is zo 10.000 euro kwijt om het op te ruimen. F1 En wie heeft dit nieuwe soort kauwgom bedacht? M1 Het komt natuurlijk uit Amerika. Daar was iemand die de straten daar zag en geschokt was over hoeveel kauwgom er overal zat. Het is daar echt een probleem voor schoonmakers, niet alleen op scholen, maar overal. F1 Maar wat is nou het mooie van deze nieuwe kauwgom? Mensen blijven het toch weggooien? M1 Ja, dat is waar, het lost niet alle problemen op. Als het niet overal aan vast blijft zitten, gooien mensen het misschien op de grond. Maar het grote voordeel is dat het wel een stuk makkelijker is om de rommel op te ruimen. Je kan het gewoon schoonmaken met water. Je kunt het dus gewoon uit kleren wassen en als je het in je haren krijgt is het ook geen probleem meer. En daardoor is het ook nog eens beter voor het milieu. F1 Denk je dat meer scholen nou kauwgom zullen toelaten op hun terrein?
Mark scheme, page 9
Page 9 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 01 © University of Cambridge International Examinations 2012 M1 Ik denk dat dat nog wel even duurt. Zoals je zelf al zegt blijft het rommel geven. Zolang leerlingen hun uitgekauwde kauwgom niet in de prullenbak gooien, blijven scholen het verbieden. Bovendien is het heel vervelend om naar kauwende monden te kijken.** M1 Deel 3 Eerste oefening, vragen 26 tot en met 31 Je gaat luisteren naar een radio-interview met Marian Steensma. Elke vraag heeft vier mogelijke antwoorden. Kruis het hokje bij het juiste antwoord aan. Je hoort het interview twee keer. Je hebt even de tijd om de vragen door te lezen. M2 In onze studio is vandaag Marian Steensma te gast. Zij gaat ons vertellen wat werkt tegen muggen en wat niet. Nou, Marian, we zijn benieuwd, ik ben iemand die steeds gestoken wordt. Wat kan ik doen? Ik doe al het licht uit als ik de ramen open heb, maar het lijkt niet te helpen... F2 Dat klopt. Muggen komen namelijk helemaal niet op licht af. Ze komen af op geur. M2 Aha, en wat voor geurtjes vinden ze lekker? F2 Ja, daar weten we eigenlijk weinig van. We weten wel dat muggen niet afkomen op zoet bloed, of dat ze geen voorkeur hebben voor bepaalde bloedgroepen. Ze komen af op lichaamsgeuren, en ze houden wel van zoete geuren inderdaad, dus je kunt het beste geen parfum of andere luchtjes gebruiken. Sommige mensen geloven dat je ze weg kunt houden met knoflook en citroenen, maar dat werkt niet. M2 Nou ja, dat is een heleboel dat niet werkt. Maar wat werkt er wel? F2 Muggen kunnen niet tegen rook, vandaar ook dat kaarsen wel werken. Maar het beste kun je voorkomen dat muggen in je buurt komen. De beestjes houden van stilstaand water, daar leggen ze hun eitjes in. Als het geregend heeft, komen ze op plassen water af. Je moet dus geen bakken of potten rond je huis hebben waar regenwater in staat, dan kun je muggen verwachten. M2 En een net om je bed? Zo’n klamboe? F2 Klamboes kunnen heel goed werken, maar je moet wel zorgen dat je het net onder je matras schuift. Anders kunnen ze er toch nog in. Het allerbeste is het natuurlijk als je de klamboe ook nog behandelt met anti-muggenspul. M2 Welke middelen zijn volgens jou echt onzin? F2 Citroenplantjes voor het raam, ergens anders een licht aanlaten zodat ze daar heen gaan, en natuurlijk die apparaatjes die je in het stopcontact doet en die een geluid maken waar muggen niet tegen zouden kunnen: dat werkt allemaal niet. Daar komt nog bij dat zo’n zoemapparaatje nog energie kost ook. M1 Je hoort het gesprek nu voor de tweede keer. F2 Tweede oefening, vragen 32 tot en met 41.
Mark scheme, page 10
Page 10 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 01 © University of Cambridge International Examinations 2012 Je hoort een gesprek met Simon ter Veld. Hij praat over wereldvoedseldag. Beantwoord de vragen in het Nederlands. Je hoort het gesprek twee keer. Je hebt even de tijd om de vragen door te lezen. F1 Simon, is dat iets nieuws? Wereldvoedseldag? M1 Nee hoor, het bestaat al sinds 1981. Het is een dag die elk jaar in oktober wordt gehouden. F1 Wie organiseert het? M1 Het wordt georganiseerd door de Verenigde Naties. Dit jaar is het thema: minder afval, minder honger. F1 Voedselverspilling dus. Vertel eens. M1 De Verenigde Naties hebben berekend dat we 40% van het eten dat we produceren weggooien. Bijna de helft wordt dus nooit opgegeten. Dat is natuurlijk een gigantisch probleem. Het is duur en bovendien zonde van al dat eten als er zoveel mensen honger lijden. F1 Wat gebeurt er op wereldvoedseldag? M1 Er worden in het hele land activiteiten georganiseerd en ook op de televisie zijn er allerlei programma’s. Op heel veel plaatsen worden markten gehouden met voedsel uit de hele wereld. Een aantal restaurants en eetcafés serveren juist alleen maar producten uit de streek zelf. F1 En wat zijn die wereldmaaltijden die overal worden georganiseerd? M1 Ja, die zijn erg populair. Het idee erachter is dat er genoeg eten is op de wereld voor iedereen, het wordt alleen niet eerlijk verdeeld. Bij een wereldmaaltijd krijgt iedereen een eerlijke portie, ze krijgen allemaal hetzelfde. Je krijgt meer dan genoeg te eten, maar er zit bijvoorbeeld geen vlees bij. Dat komt omdat het ontzettend veel kost om dat vlees te produceren. F1 Kun je thuis ook iets doen? M1 Ja, er is van alles op de tv te zien. De programma’s zijn de moeite waard om naar te kijken want je kunt er veel van leren. Ze gaan bijvoorbeeld over wat wij zelf allemaal voor eten weggooien. Het interessante is dat we het allemaal doen, ook als we denken van niet. F1 Geef daar eens voorbeelden van? M1 Nou, die boterham met kaas die je tijdens de lunch niet hebt opgegeten, een appel of banaan die er te bruin uitziet. Als je die boterham nou in een doosje had gedaan, was die aan het einde van de dag ook nog lekker geweest. Nu gaat ie zo de prullenbak in. En hoeveel mensen hebben nog een ‘kliekjesdag’, een dag waarop je resten eten van de vorige dagen opeet? Dat zijn er maar weinig. Dat is heel jammer, want vaak zijn die restjes de volgende dag nog veel lekkerder!
What you needed in this session
Cambridge’s own grade thresholds for 2012 May/June, Paper 1 · Variant 1. A higher threshold means an easier paper — the bar moves with how the cohort did.