Cambridge IGCSE Dutch - Foreign Language 0515 — 2012 May/June Paper 2 · Variant 1
0515/21/M/J/12 · 65 marks · ≈73 min
The question paper and its mark scheme, free to read here and free to download. This is Cambridge’s own paper, exactly as it was sat.
Question paper20 pages




















Mark scheme7 pages
Answers below. Sit the paper first if you are practising.







Paper as text
Question paper, page 1
This document consists of 15 printed pages and 5 blank pages. IB12 06_0515_02/3RP © UCLES 2012 [Turn over *2285362066* UNIVERSITY OF CAMBRIDGE INTERNATIONAL EXAMINATIONS International General Certificate of Secondary Education DUTCH 0515/02 Paper 2 Reading and Directed Writing May/June 2012 1 hour 30 minutes Candidates answer on the Question Paper. No Additional Materials are required. READ THESE INSTRUCTIONS FIRST Write your Centre number, candidate number and name on all the work you hand in. Write in dark blue or black pen. Do not use staples, paper clips, highlighters, glue or correction fluid. DO NOT WRITE IN ANY BARCODES. Answer all questions in Section 1, Section 2 and Section 3. At the end of the examination, fasten all your work securely together. The number of marks is given in brackets [ ] at the end of each question or part question. For Examiner's Use Section 1 Section 2 Section 3 Total www.XtremePapers.com
Question paper, page 2
2 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use Deel 1 Eerste oefening, vragen 1 - 5 Kruis [Χ] het hokje bij het juiste antwoord aan. 1 Je koopt een blikopener. Waar heb je die voor nodig? A B C A B C D D [1] 2 Je wilt biefstuk kopen. Waar ga je naartoe? A B C A B C D D [1] 3 Wat is er te koop? Te koop: jonge hondjes vanaf 50 euro A B C A B C D D [1]
Question paper, page 3
3 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 [Turn over For Examiner's Use For Examiner's Use 4 Je wilt met oudere mensen werken. Waar ga je naartoe? A BIBLIOTHEEK B SCHOOL C BEJAARDENTEHUIS D TUINCENTRUM [1] 5 Waar is deze aanbieding voor? Jaarabonnement op tijdschrift MODERN! Speciale zomerprijs € 45 A B C A B C D D [1] [Totaal: 5]
Question paper, page 4
4 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use Tweede oefening, vragen 6 - 10 Lees de tekst en de vragen. Kruis [Χ] het hokje bij het juiste antwoord aan. Vakantie! Brabant Logeer een weekend in Hotel De Tulp en geniet van een heerlijke maaltijd. Wandel in het bos en drink koffie bij het Groene Café. Natuur Maak een rondleiding door de mooie tuinen en zie wat er in je bad- en doucheproducten gaat. 15% korting op alle artikelen. Monumenten Dit jaar is Open Monumentendag op 12 september. Dan kun je prachtige woonhuizen en kastelen zien die alleen op die dag open zijn. Brabant Natuur Monumenten 6 Dit kan maar op één dag per jaar. [1] 7 Een goed idee voor een paar dagen weg. [1] 8 Dat is nog eens voordelig! [1] 9 Je kunt mooie, oude gebouwen zien. [1] 10 Hier kun je lekker eten. [1] [Totaal: 5]
Question paper, page 5
5 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 [Turn over For Examiner's Use For Examiner's Use Derde oefening, vragen 11 - 15 Lees de volgende tekst. Gaan de zinnen over Mat, Ted of allebei? Kruis [Χ] het hokje bij het juiste antwoord aan. MAT De Amsterdamse kat Mat is 30 jaar. Hij is een echte stadskat. Hij slaapt 16 uur per dag en doet het verder rustig aan. Toch rent hij soms nog de trap op en af. Hij is al veel haar kwijt. Zijn baasje zegt: “Mats geheim? Goed eten en lui zijn!” TED Ted is de lievelingskat van oma Miep. Ze woont op een Friese boerderij. Ted is pas vier, maar hij rust veel. Hij zit zich vaak voor het raam te wassen. Als oma gaat wandelen, gaat hij mee. De eerste tien meter gaat hij dan heel hard. MAT TED ALLEBEI 11 Hij woont op het platteland. [1] 12 Hij is heel erg oud. [1] 13 Hij is soms actief. [1] 14 Hij houdt zich goed schoon. [1] 15 Hij wordt kaal. [1] [Totaal: 5]
Question paper, page 6
6 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use Vierde oefening, vraag 16 Je hebt hard getraind voor een internationale atletiekwedstrijd. Stuur een e-mail aan je vrienden en geef de volgende informatie: 16 (a) Hoe er naartoe? (b) Wat? (c) Met wie? Schrijf ongeveer 25 - 40 woorden. [Totaal: 5]
Question paper, page 7
7 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 [Turn over BLANK PAGE PLEASE TURN OVER FOR PART 2
Question paper, page 8
8 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use Deel 2 Eerste oefening, vragen 17 - 26 Lees de tekst en beantwoord de vragen kort in het Nederlands. Mobieltje 17 Welk schoolvak had de klas? [1] 18 Wat deed Olivier niet? [1] 19 Wat deed hij wel? [1]
Question paper, page 9
9 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 [Turn over For Examiner's Use 20 Wat hoorde hij opeens? [1] 21 Wat was een geluk? [1] 22 Hoe zag de vloer eruit? [1] 23 Waarom moesten ze de klas uit? [1] 24 Wat deden sommige leerlingen? [1] 25 Waarom gebeurt zo’n ongeluk meestal? [1] 26 Hoe oud was de telefoon? [1] [Totaal: 10]
Question paper, page 10
10 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use Tweede oefening, vraag 27 Je bent in de vakantie naar een festival geweest. Schrijf een brief van 80 - 100 woorden aan een vriend/vriendin. Schrijf over de volgende punten: (a) Twee dingen over het festival. (b) Hoe je er naartoe ging en met wie. (c) Wat je er gedaan hebt en wat je daarvan vond. (d) Twee vragen over wat je vriend/vriendin in de vakantie gedaan heeft. (e) Twee dingen die je in een volgende vakantie wilt doen. [Totaal: 15]
Question paper, page 11
11 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 [Turn over BLANK PAGE PLEASE TURN OVER FOR PART 3
Question paper, page 12
12 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use Deel 3 Eerste oefening, vragen 28 - 35 Lees de volgende tekst. Kruis [Χ] het hokje bij het juiste antwoord aan. Vliegen door de duinen Het was zo’n mooi gezicht. Op een zonnige middag zweefden een paar jongens bij het strand om de beurt over de toppen van de duinen. De jongens zaten in een stoeltje onder een soort parachute die ze meenam op de wind. Het was alsof ze in een hangmat door de lucht gingen. Het moet een fantastisch gevoel van vrijheid zijn geweest. Wat een paradijs. Ik was een beetje jaloers, maar ik bewonderde ze ook. Voor mij was het te hoog, maar ik wou dat ik dat durfde. Ik droom wel eens dat ik zo hoog door de lucht zweef en word dan steeds wakker. Ook voor de moedige helden kwam er een einde aan de pret. Ze zweefden meestal een minuut of tien voor ze terugvlogen naar het vertrekpunt. Als dat niet lukte, moesten ze een tussenlanding maken. Om weer de lucht in te gaan namen ze wat grote stappen, op een duin, en zetten zich dan flink af – zodat ze genoeg wind vingen. Gefascineerd liep ik naar de duinen toe. Een man met een wit overhemd stond opgewonden te praten. “Jullie maken de duinen kapot.” “Hoe kom je erbij?” zei de vlieger. “Wij zijn juist heel voorzichtig.” “Jullie mogen hier helemaal niet komen,” schreeuwde het overhemd. “Hoezo? Wij doen meer voor de duinen dan jij. Wij komen hier regelmatig en planten nieuw gras als dat nodig is. Weet je wat jij moet doen? Ga lekker op het strand liggen en laat ons met rust.” Zo gingen de heren nog een poosje door. Wég paradijs. Een Duitse toerist kwam mij vragen wat er aan de hand was. Ik zei dat ik het niet wist, want ik wilde het nieuws voor mijn artikeltje in de krant bewaren. De man in het overhemd had als een schoolmeester gesproken, maar mag je wel vliegen door de duinen? Terug in mijn hotel keek ik op het internet. Wie had er gelijk? “Je mag de duinen niet ingaan: er moet onderaan gestart en geland worden,” staat er op de website. 28 De jongens deden hun hobby ... A allemaal tegelijk. B om de tien minuten. C één voor één. D om het half uur. [1]
Question paper, page 13
13 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 [Turn over For Examiner's Use 29 Ze hingen aan ... A een stoeltje. B een parachute. C een hangmat. D een duintop. [1] 30 Toen de schrijver naar de jongens keek, ... A ging hij ook. B durfde hij ook. C kon hij ook. D wilde hij ook. [1] 31 De jongens moesten soms op een duin landen, want ze ... A maakten te grote stappen. B haalden het eindpunt niet. C wilden hoger vliegen. D wilden de duinen zien. [1]
Question paper, page 14
14 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use 32 De vlieger vond dat de man in het overhemd ... A ongelijk had. B moest gaan zwemmen. C te hard schreeuwde. D goed voor de duinen zorgde. [1] 33 De schrijver zei “Wég paradijs”, omdat ... A ze stopten met vliegen. B er ruzie gemaakt werd. C de duinen kapot gingen. D het druk werd op het strand. [1] 34 De schrijver wilde niet met de toerist praten, omdat hij ... A niet wist wat er gebeurd was. B geen Duits sprak. C hem geen hand wou geven. D er een stukje over wilde schrijven. [1]
Question paper, page 15
15 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 [Turn over For Examiner's Use 35 De man in het overhemd heeft gelijk, omdat ... A je niet in de duinen mag komen. B er helemaal niet gevlogen mag worden. C de vliegers geen vergunning hebben. D ze het verkeerde gras planten. [1] [Totaal: 8]
Question paper, page 16
16 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 For Examiner's Use For Examiner's Use Tweede oefening, vragen 36 - 47 Lees de tekst en beantwoord de vragen kort in het Nederlands. De groene piramide van Austerlitz De provincie Utrecht wil over een paar jaar een groot wandelnetwerk hebben. De routes moeten goed bereikbaar zijn. Er komen vijf routepunten. Dat zijn plekken waar een wandeling begint, met parkeerplaats én bushalte. Het Dorpsplein in Austerlitz, een Nederlands dorp met een Duitsklinkende naam, is al zo’n punt met maar liefst veertien routes. Welke route je ook kiest, gekleurde paaltjes wijzen de weg. De witte en gele routes brengen je naar het Beauforthuis. Dit cultuurhuis was vroeger een kerk en de verbouwing is net klaar. Als je hier op zondag komt, heb je geluk: het theatercafé is dan open en ‘s middags serveren ze soep, broodjes en gehaktballetjes. Helaas is het vandaag woensdag. Er is niet veel te doen in Austerlitz zelf, maar dat geeft het dorp juist zijn charme. Aan alle kanten is er bos. Niet vreemd dus dat er veel wandelaars naar het dorp komen om de bossen in te trekken. Je kunt je moeilijk voorstellen dat dit dromerige dorp twee eeuwen geleden een groot legerkamp op de hei was. De bossen zijn pas later geplant. Duizenden soldaten verbleven er in barakken, rij aan rij langs een drie kilometer lange weg. Generaal De Marmont had de leiding. Hij liet in 30 dagen een indrukwekkend monument bouwen van 36 meter hoog in de vorm van een piramide. De trapsgewijze constructie is gemaakt van zand en aarde en de treden zijn begroeid met gras. Dit groene bouwwerk is al vaak gerestaureerd. Steeds weer zakken delen van het monument weg als het na een periode van droogte weer hard geregend heeft. Het gras, dat als het ware tegen de piramide is aangeplakt, blijft van onderen niet goed zitten. Natuurlijk is de piramide opgenomen in het wandelnetwerk. In de winter kan je hem elke zondag beklimmen. Hoe mooi het uitzicht is, hangt natuurlijk van het weer af. 36 Wat is het plan van de provincie Utrecht? [1] 37 Waarom is het Dorpsplein in Austerlitz een goed routepunt? [1] 38 Hoe kun je de weg vinden op de wandelroutes? [1]
Question paper, page 17
17 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 For Examiner's Use 39 Wat was het Beauforthuis voordat het een cultuurhuis werd? [1] 40 Leg uit waarom de schrijver zegt: “Helaas is het vandaag woensdag”. [1] 41 Hoe weet je dat Austerlitz een rustig dorp is? [1] 42 Wat was er 200 jaar geleden in Austerlitz? [1] 43 Hoe is de omgeving van Austerlitz veranderd? [1] 44 Waarin woonden de soldaten? [1] 45 Waarom wordt de piramide van Austerlitz de groene piramide genoemd? [1] 46 Waarom zijn er steeds problemen met de piramide? [1] 47 Wanneer kun je van het uitzicht genieten? [1] [Totaal: 12]
Question paper, page 18
18 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 BLANK PAGE
Question paper, page 19
19 © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 BLANK PAGE
Question paper, page 20
20 Copyright Acknowledgements: Exercise 1 Part 2 Exercise 1 Part 3 Exercise 2 Part 1 Exercise 2 Part 3 Exercise 3 Part 1 © ADAPTED: Mobiel ontploft in klas; Kidsweek; December 2008. © ADAPTED: Frits Abrahams; Duinsoaren; NRC Handelsblad; August 2010. © ADAPTED: Time Out; Nr.37; Libelle; September 2009. © ADAPTED: Groene piramide die van suiker is/Wandelroute Utrechtse heuvelrug; AD reiswereld; December 2009. © ADAPTED: Bejaarde kat; Kidsweek; December 2009. Permission to reproduce items where third-party owned material protected by copyright is included has been sought and cleared where possible. Every reasonable effort has been made by the publisher (UCLES) to trace copyright holders, but if any items requiring clearance have unwittingly been included, the publisher will be pleased to make amends at the earliest possible opportunity. University of Cambridge International Examinations is part of the Cambridge Assessment Group. Cambridge Assessment is the brand name of University of Cambridge Local Examinations Syndicate (UCLES), which is itself a department of the University of Cambridge. © UCLES 2012 0515/02/M/J/12 BLANK PAGE
Mark scheme, page 1
UNIVERSITY OF CAMBRIDGE INTERNATIONAL EXAMINATIONS International General Certificate of Secondary Education MARK SCHEME for the May/June 2012 question paper for the guidance of teachers 0515 DUTCH (FOREIGN LANGUAGE) 0515/02 Paper 2 (Reading and Directed Writing), maximum raw mark 65 This mark scheme is published as an aid to teachers and candidates, to indicate the requirements of the examination. It shows the basis on which Examiners were instructed to award marks. It does not indicate the details of the discussions that took place at an Examiners’ meeting before marking began, which would have considered the acceptability of alternative answers. Mark schemes must be read in conjunction with the question papers and the report on the examination. • Cambridge will not enter into discussions or correspondence in connection with these mark schemes. Cambridge is publishing the mark schemes for the May/June 2012 question papers for most IGCSE, GCE Advanced Level and Advanced Subsidiary Level syllabuses and some Ordinary Level syllabuses. www.XtremePapers.com
Mark scheme, page 2
Page 2 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 02 © University of Cambridge International Examinations 2012 Deel 1 Eerste oefening, vragen 1–5 1 B [1] 2 B [1] 3 A [1] 4 C [1] 5 B [1] [Total: 5] Tweede oefening, vragen 6–10 6 monumenten [1] 7 Brabant [1] 8 natuur [1] 9 monumenten [1] 10 Brabant [1] [Total:5] Derde oefening, vragen 11–15 11 Ted [1] 12 Mat [1] 13 Mat en Ted [1] 14 Ted [1] 15 Mat [1] [Total: 5]
Mark scheme, page 3
Page 3 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 02 © University of Cambridge International Examinations 2012 Vierde oefening, vraag 16 Three pictures × 1 Use of Language: max. 2 [Total: 5] 5 marks: 3 marks for communicating three items of information, 0, 1 or 2 marks according to grid. Candidates do not have to write in complete sentences; they should not be penalised for writing in note form. 2 Verbs must be in appropriate tenses. Minor errors (adjective endings, use of prepositions, wrong definite article, etc.) are tolerated. 1 Some appropriate usage to reward. Where verbs are not in appropriate tenses, award max. 1 mark. 0 No examples of appropriate usage to reward. N.B: 0 marks for Communication means none for Language.
Mark scheme, page 4
Page 4 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 02 © University of Cambridge International Examinations 2012 Deel 2 Eerste oefening, vragen 17–26 17 geschiedenis [1] 18 opletten [1] 19 Hij speelde met z’n mobiel. [1] 20 een geluid / een knal [1] 21 Hij was niet gewond / Hij had mobiel (op tijd) laten vallen. [1] 22 zwart / verbrand / had brandvlekken [1] 23 vanwege de rook [1] 24 Ze huilden. [1] 25 verkeerde batterij [1] 26 anderhalf jaar [1] [Total: 10]
Mark scheme, page 5
Page 5 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 02 © University of Cambridge International Examinations 2012 Tweede oefening, vraag 27 Communication marks: 10 marks are awarded for communication. Communication marks are allocated as follows: (a) Twee dingen over het festival. [max. 2] (b) Hoe je er naartoe ging en met wie. [max. 2] (c) Wat je er gedaan hebt en wat je daarvan vond. [max. 2] (d) Twee vragen over wat je vriend/vriendin in de vakantie gedaan heeft. [max. 2] (e) Twee dingen die je in een volgende vakantie wil doen. [max. 2] N.B.: candidates who do not complete all of the tasks cannot score full marks for communication. Accuracy: 5 marks are awarded for accuracy, using the table below: 5 Straightforward vocabulary and structure. The style of writing is basic, but reasonably coherent. Use of a limited range of verbs, generally successful. More accuracy than inaccuracy. 4 Basic vocabulary and structure. Some awareness of verb usage, but inconsistent. The writing is sufficiently accurate for meaning to be conveyed. 3 Very basic vocabulary and structure. Little awareness of verb usage (e.g. infinitives regularly used instead of finite verbs). Despite regular errors, the writing often conveys some meaning. 2 A few phrases or short sentences are accurate enough to be recognisable. Very simple sentence structure. 1 Disjointed words or short phrases, one or two of them accurate enough to be comprehensible. 0 Nothing accurate enough to be comprehensible. [Total: 15]
Mark scheme, page 6
Page 6 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 02 © University of Cambridge International Examinations 2012 Deel 3 Eerste oefening, vragen 28–35 28 C [1] 29 B [1] 30 D [1] 31 B [1] 32 A [1] 33 B [1] 34 D [1] 35 A [1] [Total: 8]
Mark scheme, page 7
Page 7 Mark Scheme: Teachers’ version Syllabus Paper IGCSE – May/June 2012 0515 02 © University of Cambridge International Examinations 2012 Tweede oefening, vragen 36–47 36 (het aanleggen van) een wandelnetwerk [1] 37 (het heeft) een parkeerplaats / bushalte / het is een punt met veertien routes [1] 38 door gekleurde paaltjes (reject: paaltjes) [1] 39 een kerk [1] 40 het café is dicht/hij wil iets eten (or similar) [1] 41 er is niet veel te doen [1] 42 een (Frans) legerkamp [1] 43 er zijn nu bossen / er waren geen bossen / er was hei [1] 44 barakken [1] 45 er groeit gras op [1] 46 de piramide zakt in / verzakt [1] 47 op zondag / in de winter / bij mooi weer [1] [Total: 12]
What you needed in this session
Cambridge’s own grade thresholds for 2012 May/June, Paper 2 · Variant 1. A higher threshold means an easier paper — the bar moves with how the cohort did.